Zoekveld

Grote nationale huisartsen enquête:

Detail van de resultaten per thema

Deel 1: Keuze van het beroep
 

Waarom heeft u gekozen om huisarts te worden? 

Omdat papa het niet meer wil


“Parce que papa ne l'était pas," antwoordde een Waalse huisarts op de vraag waarom hij voor dit beroep gekozen had. Er blijken nogal wat misverstanden over de huisarts te bestaan. Dat is zowel bij de overheid, als bij de ziekenfondsen, bij de patiënt als bij de huisartsen zelf het geval. En in bijna alle gevallen gaat het om wishful thinking. De huisarts wordt afgeschilderd als een idealist, iemand die dag en nacht voor zijn patiënten klaar staat. Maar op de vraag waarom bent u geneeskunde gaan studeren, antwoordde nog geen derde van de Belgische huisartsen dat dit uit sociaal engagement was en wat dat betreft zijn er geen verschillen tussen Nederlands- en Franstaligen. Het prestige van het vak doet er weinig toe. Maar het merkwaardigst is dat slechts  in 4 % van de gevallen het inkomen een rol speelde, terwijl een even groot percentage niets ander kon verzinnen.

 

Bijna 80% heeft geen spijt van zijn keuze. Maar slechts 57% van Vlaamse (ceci dans la version F: en 36% van de Franstalige) huisartsen zou het vak aanraden. Dat heeft zo zijn effect want nog slechts een minieme minderheid van de kandidaat-artsen kiest voor een huisartsenpraktijk. Rekening houdend met de vergrijzing van ons (huis-)artsencorps betekent dit dat we over tien jaar in een medische woestijn dreigen terecht te komen. Het wordt dus hoog tijd dat alle betrokken partijen van koers veranderen. Denk aan het tekort aan verplegend personeel waarmee de ziekenhuissector nu af te rekenen heeft. Ook dat was het gevolg van een verkeerde loonpolitiek, een miskenning van het beroep en er is een witte woede nodig geweest om daar verandering in te brengen. Het huisartsenberoep moet dus opnieuw aantrekkelijk gemaakt worden. Dat dit niet gebeurt door  cathedra “impulseo” te gaan roepen, is duidelijk. Anders krijgen we over tien jaar als antwoord: “Parce que papa ne le veut plus.”

 

Op de vraag waarom bent u geneeskunde gaan studeren? antwoorden de Belgische artsen voor bijna 44 % dat ze dit uit interesse voor de wetenschap deden. Er is nauwelijks verschil tussen Noord en Zuid:  45% N  42% F. Amper 29% deed dit uit sociaal engagement en wat dat betreft zijn er geen verschillen tussen Nederlands- en Franstaligen. De kandidaat huisartsen maken zich geen illusies: het prestige van het vak doet er weinig toe: slechts 7% N en 6,0% F haalt dit als reden aan. Maar daartegenover staat dat de inkomsten minder belangrijk zijn:  in slechts 4 van de gevallen speeltde dit een rol. Merkwaardig is dat familiale opvolging bij amper 4 % van de Vlamingen een rol spelt tegenover bijna het dubbel aantal kandidaten in Franstalig België 7%.  Tenslotte dit: 4% werd huisarts omdat hij of zij niets ander kon verzinnen.


“Ik was geboeid door wetenschappen, en wou omgaan met mensen,” is het meest voorkomende antwoord. Slechts één Vlaamse arts haalt de plethora aan:


“Algemene demotivatie wegens plethora op ogenblik van afstuderen.” En één Franstalige heeft het nog over roeping: “Veritable vocation des l'enfance.”  Het ouderlijk gezag is blijkbaar het sterkst in Wallonië want daar antwoorden drie artsen: “Par le désir de mes parents.” “Le choix du père( et oui en 70, ça existait encore).” En het verbazingwekkende “parce que papa ne l'était pas."

 

Geen spijtoptanten

Wij vroegen de artsen of ze spijt hadden van hun keuze. En unisono zegt 79% van de Nederlands- en Franstalige artsen geen moment hun keuze te betreuren. Slechts 8 % van de Vlamingen en 7% van de Franstaligen zegt echt spijt te hebben. Het verschil tussen mannen en vrouwen is wel groot want 5% van de vrouwen tegenover 9% van de mannen betreuren hun keuze. De meeste spijtoptanten treft men in West-Vlaanderen: 11 %. Ook in Wallonië is dat in Luxemburg: 11%.

Op de open vraag waarom antwoorden de artsen met een overweldigende meerderheid dat ze de administratieve last, de onderwaardering en de te lage beloning allerminst verwacht hadden. “Zware werklast, weinig voldoening, veel wachten, karig inkomen, patiënten RECHTEN < > artsen PLICHTEN,” zo omschrijft een Vlaamse arts zijn frustratie. Die klacht komt ook bij andere antwoorden terug en daarmee is de teneur van dit onderzoek gezet. “De maatschappij, de  regering, de organisatie van de volksgezondheid; kortom zowel de structuren als de bevolking hebben geen

respect meer voor de huisarts.” “Slavenwerk zonder voordelen, werken tot je er bij valt en verder zelfs geen pensioen.” “Paperasserie, tracasseries administratives, manque d'éducation des gens,” zegt een Waalse huisarts. “Contraintes trop importantes tant au point de vue disponibilités horaires, familiales que contraintes INAMI. Il faut prescrire ceci et non cela, gardes de plus en plus difficiles à effectuer en viellissant et plus de violence.” “Une vie de "con", “ zo omschrijft een Franstalige huisarts zijn leven. “La médecine est devenue néo-communiste,” besluit een andere.

Zou u deze studierichting aan de jongeren aanraden?

Maar geen spijt hebben betekent nog niet dat men deze studierichting ook aan een beginnende student zou aanraden. Op die vraag antwoorden de artsen heel wat kritischer.

 

En dan blijkt dat het aantal ontevredenen groter is dan eerder geantwoord want 16% van de Vlaamse huisartsen tegenover 26% van de Franstalige antwoordt negatief. 

Slechts 57% van Vlaamse en 36% van de Franstalige huisartsen zou het vak aanraden. Dat getuigt van een belangrijke achterliggende negatieve ingesteldheid tegenover het eigen beroep. Die tendens is nog groter bij mannen dan bij vrouwen: 22% tegenover 18% antwoordt negatief. 52% van de vrouwen  tegenover  46% van de mannen blijven positief. Regionaal uitgesplitst zitten de meest negatieve artsen in Franstalig België met om en bij de 29% negatieve adviezen, en met een piek van 37% in Luxemburg. De  meest positief ingestelde artsen wonen in Limburg waar slechts 8% negatief advies volgt.

Indien u vandaag opnieuw zou mogen kiezen, kiest u dan voor dezelfde specialiteit?

 

Zou de huisarts dan voor een andere specialisatie gekozen hebben? En weer is het antwoord verrassend: bijna 65% blijft bij zijn keuze, terwijl een kleine 25 % graag specialist was geworden. Ook hier zitten de meeste contente huisartsen in Limburg: 83%.  Maar 32 % van de Franstalige Brusselse en Luikse huisartsen zouden liever gespecialiseerd hebben. Als alternatieve beroepskeuze kiezen  de huisartsen voor een beroep als ingenieur, alternatieve geneeskunde of een wetenschappelijke carrière. Eén arts was liever bankier geworden.

“Het beroep zelf is interessant,” zegt een Vlaamse huisarts, “maar het aantal uren, de slechte uren zijn zeer belastend om te combineren met gezinsleven. Minder uren wil zeggen minder inkomen en we zijn zeker niet overbetaald. Komt daarbij de veeleisendheid van de patiënten, met soms weinig respect.”

“Le travail de médecin généraliste est très intéressant, mais les conditions de travail nuisent fortement à l'épanouissement. Le travail en milieu hospitalier est plus cadré et probablement plus facile à coordonner avec une vie familiale.” En een Waals arts tenslotte heft het over: “La mort programmée de la MG par l'état et les spécialistes.” “La médecine générale solo est malheureusement condannée à disparaitre au profit de structures hospitalocentristes.”

Terugkeren naar de lijst met thema's

Bron: MediPlanet Huisartsen enquête 05/2009, Reproductie kan na voorafgaande toelating.

Profession: